Category Archives: Overig


Sparen of beleggen: Veilige rente versus rendement en dividend

Ik schreef op deze blog tot nog toe uitsluitend over diverse middelen om te investeren, met name in aandelen. Vandaag even een stapje terug: Moet je eigenlijk wel beleggen? Kun je niet beter sparen? Is er nog een middenweg?

Sparen: Zekerheid met een prijskaartje

Iedereen is groot geworden met het idee dat het verstandig is om te sparen. Als tegenovergestelde voor ongelimiteerd alles uitgeven is dat zeker aan te raden natuurlijk :-). En een tijd lang was sparen ook best een goede optie, toen de rente nog hoog stond. En toen kwam de gemene heks en kregen we dit:

spaarrente_overzicht

De X-as is wat minder leesbaar maar dit is over de afgelopen 10 jaar, sinds 2005. We gaan ondertussen richting een treurige 1%.  Dat is dus 1 euro voor elke 100 euro gespaard in een jaar tijd. Misschien denk je, nou, dat is nog steeds wel wat, maar het probleem is dat deze rente stand ondertussen duidelijk onder het inflatie percentage ligt. Zie hier het verloop van de inflatie:

inflatie_grafiek

Het schommelt, maar het is vrijwel altijd meer dan 1,5% à 2%. Dat betekent dat je spaargeld elk jaar iets minder waard wordt, en de piepkleine rente die je nog krijgt waarschijnlijk onvoldoende compensatie oplevert. Het punt is ook dat de inflatie op peil moet blijven voor een gezonde economie – mensen gaan meer kopen in plaats van het uit te stellen – dus je kunt verwachten dat er maatregelen genomen worden als de inflatie te laag wordt. In die zin moet je dus eigenlijk altijd rekening houden met de inflatie. Hoe je ook spaart of investeert, de inflatie eet 2% van je rente of rendement/dividend op.

Je kunt uiteraard geduldig afwachten tot de rente weer omhoog gaat, maar dat zou nog wel eens heel lang kunnen duren. Kijk maar eens naar deze grafiek met de spaarrente vanaf 1950: Het duurde 20 jaar voor de rente van 2 naar 4% ging destijds.
Spaarrente_vanaf_1950

Het is uiteraard koffiedik kijken, maar gezien de belangen die veel overheden, bedrijven en consumenten hebben bij goedkoop geld kunnen lenen, is het niet vreemd om te verwachten dat het nog wel een tijd zo blijft. Totdat iedereen zich overladen heeft met schulden, er leuke bubbels ontstaan zijn, etc … :-).

Laten we dus eens kijken naar “veilige” alternatieven voor sparen.

Deposito sparen

Dit is een vrij simpele variant op gewoon sparen, met als enig verschil dat je je geld voor een vaste periode kwijt bent. Hoe langer, des te meer rente krijg je.

Maar ja, levert dit dan wel voldoende op? Dat ligt er maar net aan. Om te beginnen moet je het geld wel minimaal 5 jaar weg kunnen zetten, anders is het verschil niet de moeite waard, tenzij je zeer grote bedragen inzet, maar dan heeft je private banker vast wel een idee voor je. Kijkend naar de recente rente voor 5 jaar deposito’s, zou je kunnen stellen dat je ongeveer 1,5 tot 2x zoveel rente krijgt als op een gewone rekening.

Dit komt er dus op neer dat je je geld 5 jaar kwijt bent maar dan heb je in ieder geval de inflatie bijgehouden. Als je het geld absoluut niet mag kwijtraken is dit wel de beste optie.

Obligaties

Obligaties, wat leningen aan overheden, maar ook aan grote bedrijven zijn, zijn bekend als een geliefd middel voor de Zeer Conservatieve Belegger, die van schichtige aandeelkoersen slaapt als een prinses op de erwt. Obligaties hebben een lange looptijd en vaste rente, en geven meer zekerheid omdat overheden (en grotere bedrijven) op kredietwaardigheid beoordeeld zijn.

Dat was vroegâh een prima keuze, een prima rendement met veel zekerheid. En toen, tsja, die gemene heks dus weer die ervandoor ging met het rendement:

staatsobligaties_rente

Deze grafiek toont de rente op obligaties van 5 landen, maar ik kan je zeggen, nee, er is geen land waar de regenboog eindigt en de obligaties nog steeds gouden potten opleveren. Als je niet oppast moet je tegenwoordig nog geld bijleggen ook om te mogen lenen.

Gelukkig zijn obligaties geen geheel verloren zaak. Zoals altijd is spreiding aan te bevelen, dus koop niet los maar neem aandelen in een ETF. Zo kun je bij Think ETFs instappen in een ETF met staatsobligaties uit 15 Europese landen met een hoge kredietwaardering. De koers schommelt natuurlijk maar je krijgt er wel een aardig dividendje van 2,8% bij, uitgekeerd per kwartaal.

De risico waardering is 3 (op de bekende 1-7 schaal), dus dit is een redelijke keuze voor de defensieve belegger. Deze ETF heeft alleen landen met een goede rating, zoals Duitsland, Nederland, en België dus je hoeft niet bang te zijn voor Griekse Toestanden.

Je kunt ook in de bedrijfsobligaties gaan. Er zijn veel grote bedrijven die obligaties uitgeven, en daar zijn diverse ETFs voor. Het is hierbij wel verstandig te kijken naar de rating van de bedrijven in de ETF. Er zijn ETFs die zich op investment grade bedrijven richten, dus de bedrijven met goede cq. de beste ratings, maar je kunt ook below investment grade krijgen, ook wel veelzeggend junk bonds genoemd :-). Over het algemeen is de term “High Yield” een goede indicatie dat er meer risico inzit (zie bijvoorbeeld JNK en HYG – leuke rendementen van 6%, maar vraag niet waar het vandaan komt).

Voor de voorzichtige investeerder raad ik LQD (iShares IBoxx $ Invest Grade Corporate Bond Fund) aan – dit spreidt over 600 investment grade corporate bonds, nu met dividend op 3,4% – of CORP (PIMCO), ook een ETF met investment grade bonds, met 3% dividend. Koersen vallen nu, dus even wachten op een goed moment om in te stappen. Ook interessant is VCLT (Vanguard Long Term Corporate Bond ETF), wederom investment grade corporate bonds, maar ook specifiek obligaties die lang lopen (minimaal 10 jaar). Met een maandelijks betaald dividend van 4% is dit een aantrekkelijke optie.

Andere opties voor veiliger rendement

Ik heb al verschillende opties beschreven in eerdere artikelen, bij deze een korte introductie hiervan.

  • Je kunt vrij veilig voor de lange termijn investeren in windenergie bij Meewind voor een aantrekkelijk rendement;
  • Je kunt automatisch inleggen bij een aanbieders van indexbeleggen zoals Meesman of Brand New Day, in obligaties en aandelen, met veel spreiding;
  • Of je kunt preferente aandelen kopen, waarmee je tussen aandelen en obligaties in gaat zitten.

Kortom, genoeg opties om je geld op een verantwoorde manier te laten groeien!


Meewind: Intrinsieke waarde, rendement en dividend uitlegd

In mijn vorige artikel heb ik uitgebreid geschreven over Meewind, een beleggingsfonds waarmee je kunt investeren in offshore windparken.

Ik beschreef hoe het rendement zich in de afgelopen jaren inderdaad had ontwikkeld zoals verwacht, met een percentage van ruim 5 à 6%. En dat zijn de feiten, maar er is wel iets meer te vertellen over een belangrijk detail, waar Meewind niet tot nauwelijks aandacht aan besteed.

Ik noemde het al kort in mijn vorige artikel: De intrinsieke waarde van de participaties daalt naar nul, na verloop van tijd. Kort door de bocht: U bent op den duur uw geld kwijt. Hoe kunt u dan überhaupt nog verdienen aan Meewind? Daar gaan we even goed naar kijken.

Eigenlijk zegt de grafiek hieronder het allemaal, dus ik laat deze eerst maar zien:

Rendement Meewind

Hierin zien we alle belangrijke punten: De waarde van de participaties en het dividend, en de ontwikkeling daarvan.

Hieruit kunnen we opmaken dat het cumulatief dividend stijgt, en na iets van 14 jaar zou je dan 1,5x de waarde van je inleg in dividend al moeten hebben, terwijl je participatie zelf ook in waarde is gestegen, en ook 1,5x zoveel waard is geworden.

Dan is er een omslagpunt, en als ik de uitleg van Meewind  goed begrepen heb dat dit te maken heeft met het afbetalen van de schulden. Het dividend schiet omhoog omdat er geen schuld meer afbetaald hoeft te worden, en men dus het volle rendement van het park door kan geven aan de participatie houders. Ik moet eerlijk zeggen dat als je gaat rekenen met de waarde van de participatie in de laatste jaren en het dividend je wel hele forse percentages uitgekeerd moet krijgen wil dit zo uitkomen.

Tegelijkertijd daalt de waarde wel sterk. Dat komt omdat het park na 20 jaar afgebroken gaat worden en dan dus geen waarde meer heeft. Ik weet niet waarom dat vanaf 6 jaar voor die tijd is, maar het lijkt wel logisch – het park kan niet na 20 jaar van de een op de andere dag zijn gehele waarde verliezen. Het is overigens interessant dat er een mogelijkheid is dat men het park nog iets langer kan laten draaien, na die 20 jaar. Dat zou een mooi extra dividend op moeten leveren, maar als de participatie dan niets meer waard is…? Hmm.

Al met al blijf ik Meewind wel een “gezonde” belegging vinden – ik heb er dan ook nog wat geld ingestoken – maar er zijn wel een paar duidelijke aandachtspunten.

In feite moet je de volledige rit van 20+ jaar uitzitten wil je het maximale rendement eruit halen. Dat is behoorlijk lang. Je kunt ook overwegen om uit te stappen binnen 14 jaar. Dan pak je de waarde stijging van je participatie + dividenden en heb je nog steeds minstens 4% gekregen, en je krijgt je geld gewoon terug. Het is wel de vraag, zou dat dan nog lukken? Meewind beslist of je ze je participatie nog terugkopen, dat is niet vanzelfsprekend.

Een andere interessante kwestie is die van het herinvesteren van dividend. In theorie wordt je rendement fors hoger door jaar na jaar te herinvesteren, maar als je investeert in een participatie die uit eindelijk weer waarde verliest, hoe zit dat dan…? Dan ben je je dividend ook weer kwijt, lijkt me. Het is onduidelijk of bovenstaande grafiek op basis van herinvestering is berekend. Vooralsnog denk ik dat ik de komende jaren, zeg de eerste 10 jaar, nog wel herinvesteer, maar daarna alles in cash laat uitkeren.

Enfin, het is misschien niet de meest conventionele belegging, maar in ieder geval een zeer “groene” – en dat is ook best wat waard.


Solide rendement op windenergie bij Meewind

Ik moet helaas vaak wat kritische noten plaatsen bij allerlei op het oog mooie fondsen, maar vandaag heb ik onversneden Goed Nieuws.

Dit betreft mijn investering in Meewind. Ik heb er een paar jaar geleden wat geld ingestoken en ik kan nu constateren dat het rendement geheel naar verwachting is. Maar, eerst even wat uitleg over Meewind.

Wat is Meewind?

Het beste kun je even naar de site gaan en daar wat rondneuzen, ze hebben veel en duidelijke informatie. Maar voor het gemak hier even een korte samenvatting.

Meewind is een beleggingsfonds dat investeert in duurzame energieproductie, in de vorm van offshore windmolenparken. Je koopt bij Meewind participaties, waarmee je mede-eigenaar wordt van een of meerdere parken.

Een participatie is weliswaar een soort “deel”, maar het is niet te vergelijken met aandelen. Er zijn twee belangrijke verschillen: kopen en verkopen, en de waarde. Aandelen kun je vrij verhandelen op de beurs; participaties koop je van het bedrijf zelf, en verkoop je ook weer aan het bedrijf. Aandelen hebben een waarde die door de markt bepaald wordt en hoger of lager kan liggen dan de feitelijke waarde van het bedrijf; participaties zijn direct gekoppeld aan de intrinsieke waarde van het bedrijf, en dus niet afhankelijk van speculatie.

Meewind is geen beleggingsfonds in de zin van een “beheerd fonds” wat je geld geeft om daar (hopelijk) meer van te maken. Meewind financiert, samen met andere (grotere) partijen, de bouw en exploitatie van diverse windparken.

Hierbij is het ook goed om te weten dat dit een zeer professioneel en transparant bedrijf is, wat uitsluitend met ervaren partners werkt, en goed communiceert over alle aspecten van de projecten.

Waarom is Meewind interessant, hoe levert dat geld op?

Afgezien van het groene argument, dat je helpt om de energievoorziening te verduurzamen, is Meewind interessant omdat het een stabiele lange termijn investering is met een goed rendement.

Meewind en haar partners laten een windmolenpark bouwen, wat vervolgens minimaal 20 jaar draait en uiteraard stroom levert. Aangezien de molens op zee staan, waar altijd wel wat wind is, is er grote zekerheid over de opbrengst ervan. Daarbij komt dat de Belgische overheid – ja, want deze parken worden allemaal in België gebouwd, niet hier – voor de volle 20 jaar een vaste subsidie heeft toegezegd op de prijs van de opgewerkte electriciteit. Het is simpelweg een kwestie van bouwen en lekker laten draaien. De realiteit is iets minder simpel natuurlijk, er is onderhoud nodig, maar daarvoor zijn strakke onderhoudsovereenkomsten geregeld met leveranciers, die garanderen dat alles 95% van de tijd draait.

Meewind heeft dus enerzijds redelijk goed te voorspellen kosten, die grotendeels eenmalig zijn, en anderzijds jarenlange opbrengsten tegen een grotendeels garandeerde prijs. Uit dat verschil tussen opbrengsten en kosten, wat met de jaren steeds groter wordt, ontstaat een stijging van de intrisieke waarde. En die is zeer stabiel en zeer aantrekkelijk.

Hoe werkt dit op de lange termijn? Dat is vrij simpel. De molens draaien 20 jaar, misschien iets langer als ze nog goed werken. Daarna worden ze afgebroken. De kosten daarvoor zijn al verrekend. Aan het eind is daarom de intrisieke waarde… nul. Maar, doordat je telkens dividend krijgt, krijg je je investering meer dan dubbel terugbetaald, afhankelijk van het precieze rendement. Je kunt ook uitstappen voordat de intrinsieke waarde begint te dalen, zodat je kunt profiteren van de stijging hiervan, maar dan mis je wel de dividenden die juist hoger worden aan het eind.

Dat zal best, maar…. Show Me The Money!

Ik ben in 2012 ingestapt in Meewind bij hun eerste project. Het klonk allemaal een beetje te mooi om waar te zijn – groen investeren en dan nog meer dan 5% rendement pakken ook? Daarom heb ik toen ook maar het minimum ingelegd – 1030 euro. Hier kun je zien wat dat nu waard is:

2015-07-05 21_53_50-Meewind

 

Mijn 1030 euro is nu dus 1279 euro geworden. Dat is in ongeveer 3,5 jaar, waarmee het jaarlijks rendement op 6,9% komt.

De afgelopen jaren is het echter bijna precies gegaan zoals voorspeld: Een stabiele stijging van de intrisieke waarde, en nog wat dividend ook. Hier kun je zien hoe de intrinsieke waarde zich ontwikkelde:

2015-07-05 22_28_22-Instrinsieke waarde Zeewind _ Meewind

 

Zo’n “koersverloop” is de droom van elke belegger. De “terugval” momenten komen door de uitkering van dividend. De intrinsieke waarde gaat daar omlaag omdat het dividend onttrokken wordt aan het bedrijf. Meewind geeft overigens de keuze om dividend te herinvesteren of uit te laten keren. Hieronder is te zien hoe dat heeft uitgewerkt de afgelopen jaren. Het laatste dividend heb ik laten uitkeren, bij nader inzien had ik het beter erin kunnen laten :-).

2015-07-05 21_54_00-Meewind

Hier zie je overigens ook een soort “split” van bestaande en nieuwe parken. Dit heeft te maken met de manier waarop parken gefinancieerd worden, als er genoeg geld in zit dan gaat de zaak “op slot” (tenzij iemand zijn participaties weer verkoopt).

De toekomst van Meewind en hoe u ook kunt profiteren

Meewind heeft in 2010 haar eerste park gebouwd (Belwind), gevolgd door een tweede park (Northwind) in 2014. Dat draait prima allemaal, dus ze gaan verder uitbreiden met een flink park genaamd Nobelwind. Ze zijn hiervoor nu bezig om de financiering rond te krijgen. Je hebt nog tot oktober dit jaar om in te stappen. Daarna, in 2016, zal het park gebouwd worden, en in 2017 is het dan operationeel.

Voor dit park wordt 7 tot 10% rendement voorgespiegeld. Dat is gezien de eerdere resultaten zeker geen illusie. Nobelwind profiteert in ieder geval van alle opgedane ervaring en de eerder aangelegde faciliteiten (zoals de export kabel naar de kust).

De oplettende lezer heeft natuurlijk gezien dat de intrinsieke waarde van Zeewind Nieuwe Parken niet zo vlot stijgt als die van Bestaande Parken. Het is nu ongeveer 2% op jaarbasis. Ik neem aan dat dit komt omdat Nobelwind nog niet draait. Men houdt de intrinsieke waarde opzettelijk wat lager om speculatie te voorkomen, totdat de financiering afgerond is.

Ik overweeg zelf in ieder geval serieus met een groter bedrag in te stappen deze keer en raad iedereen aan om Meewind ook goed te bekijken!


Investeren in zonnepanelen op eigen dak: afweging van kosten en rendement

Je krijgt ze tegenwoordig bijna bij een pakje boter – zonnepanelen. Nou ja, aanbiedingen voor zonnepanelen dan. Inmiddels wordt er zo veel maar vooral ook, zo makkelijk over gesproken dat het een voor de hand liggende keuze lijkt te zijn. Slim en groen, toch?

Over dat tweede aspect valt natuurlijk niet te twisten – zelf je energie opwekken is een goed idee voor het milieu. Maar hoe goed is het eigenlijk voor je portemonnee, als je niet zondermeer in de buidel tast voor groene energie? Laten we daar even wat (zon) licht op werpen.

De vraag is simpelweg: Is dit een verantwoorde investering, in termen van kosten, risico’s en rendement.

Kosten

Het begint uiteraard bij de aanschaf. De prijzen zijn al een stuk lager dan eerder, maar je rijdt zomaar een tweedehands auto’tje voor de prijs van een gemiddeld pakket zonnepanelen. Hier kun je zelf nog wel wat in variëren – soort panelen, merk, garanties, omvormer, Chinees of Duits spul, installatie zelf doen of niet, etc.

Het is verstandig goed te kijken naar de verhouding tussen de kosten van de installatie en de panelen (en omvormer) zelf;  naarmate je minder panelen laat installeren wordt het relatief duurder. In een offerte voor mijn huis kwam dit al op bijna 20%, bij een pakket van 12 panelen.

Voor de panelen zelf geldt natuurlijk, het brengt minder op maar kost ook minder, maar de installatiekosten trekken de terugverdientijd wel op – vergelijkbaar met aandelen die met hoge commissie gekocht zijn. Het is verstandig om te kijken hoe lang je eigenlijk bezig bent om überhaupt de installatie kosten alleen al terug te verdienen.

Ander punt is het soort installatie. Schuinere daken zijn makkelijker; platte daken hebben montagesystemen nodig, en als het hoog is, en afhankelijk van de windsterkte in je regio, komt daar ook nog eens wat ballast bij om de zaak op zijn plaats te houden. Ter illustratie: Om 12 panelen op mijn platte dak  in Almere aan de grond te houden moest ik meer dan 1500 kilo ballast nemen – en Flevoland is dan nog een “middelmatige” regio qua windsterkte. Dat kostte 7% extra.

Opbrengsten, rendement, en andere halve waarheden

Waar de kosten zeer duidelijk te berekenen zijn, komt voor het berekenen van de opbrengsten nogal eens een Glazen Bol te voorschijn.

Opbrengst van de zonnepanelen

We krijgen de meeste “zekerheid” wat betreft de capaciteit en energie opbrengst van de panelen zelf. De panelen hebben een bepaald vermogen bij aanvang, en dat neemt elk jaar langzaam af, waarbij men garandeert dat er nog 80-85% over zal zijn na 25 jaar. Goed, de zon zal nog wel een tijdje schijnen, al is het klimaat niet meer wat het was, dus daar kunnen we wel op rekenen.

Waar je wel op moet letten is dat de berekening van de opbrengst overeenkomt met de exacte ligging. Hierbij gaat het om de windrichting – liggen de panelen op het zuiden of iets anders – en de hoek waaronder ze liggen (35-45 graden is ideaal). Daarnaast kan de specifieke situatie, in de vorm van schaduw van dakkapellen, lantaarns, schoorstenen of hoge bomen, de zaak ook (flink) verstoren. De betere leveranciers houden hier rekening mee in hun uitwerking, maar er zijn er genoeg die “van de heuvel af, met de wind mee” rekenen, zeker in “quick checks”. Er moet vermeld zijn hoe men precies tot een bepaald aantal kWh is gekomen. Als de panelen op het zuidoosten of -westen liggen (of verder nog), of een stuk platter dan 35 graden, gaat de opbrengst al significant omlaag (ongeveer 10%). De locatie binnen Nederland maakt ook uit voor het aantal zonneuren. Voor meer details kan ik de uitleg van Eco Pro in hun kenniscentrum op bespaarbazaar.nl aanraden.

Levensduur van omvormers

Dan heb je nog de omvormers. Er wordt rekening mee gehouden dat sommige merken (Chinees, maar ook Duits) 8 tot 12 jaar meegaan. Sommige merken geven tegen meerprijs nog wel een garantie tot 20 jaar. Maar je kunt hier dus maar beter rekening houden met de kosten van tenminste 2 of 3 omvormers, en eventueel de verlengde garantiekosten. Hier zit nog een addertje onder het gras – het is niet te zeggen hoeveel die omvormer gaat kosten over 10 of 20 jaar. In berekeningen wordt hooguit 1 vervanging gerekend, in 25 jaar tijd, en zonder correctie voor inflatie. Of dat je omvormer veel duurder is geworden omdat je installatie zwaar verouderd is en er nauwelijks passend materiaal voor te krijgen is :-).
In mijn offerte, voor 12 panelen, vormde de omvormer 15% van de kosten. En dat was dan nog een goedkoop “string” model; de geavanceerde omvormers met optimizers per paneel, zoals van SolarEdge, kosten een stuk meer (al gaan ze ook langer mee, zegt men).

BTW teruggave

Je kunt de BTW over de aanschaf van je zonnepanelen, inclusief installatie, terugkrijgen. Deze regeling is ook voor 2015 weer verlengd, gelukkig. Dit is een simpele zaak, aangezien het met zekerheid kan worden meegerekend in de initiële investeringskosten, zolang de regeling geldt uiteraard. Dit drukt de kosten flink natuurlijk. Maar zoals meestal met belastingvoordelen – dit zal wel weer eens ophouden.

Prijsontwikkeling van electriciteit

Veel leveranciers rekenen met stevig stijgende electriciteitsprijzen, maar dat komt natuurlijk regelrecht uit de Glazen Bol. Het is behoorlijk gokwerk. Ja, in het verleden stegen de prijzen. Maar als we bijvoorbeeld even naar de olieprijzen kijken – we dachten dat die strak omhoog zou gaan en nu is hij toch fors gedaald, wat niemand had verwacht. En de verwachting is dat het ook nog wel even zo blijft. In het kader van conservatieve aannames voor rendementsberekening kun je beter simpelweg de huidige prijs doortrekken, eventueel aangevuld met inflatie gebaseerd op een langjarig gemiddelde – zeg 2%.

De salderingsregeling en energiebelasting

Veruit het zwakste punt van de rendementsberekening is de salderingsregeling. Dit houdt in, als je electriciteit teruglevert aan het net, verrekent je energieleverancier dit met je verbruik. Oftewel, ook als je de energie die je zelf opwekt niet direct gebruikt, dan krijg je er toch wat voor.

De toekomst van deze regeling is echter allesbehalve zeker. Vooralsnog loopt hij door tot 2020, en dan is het voornemen om de zaak maar eens af te gaan bouwen. Of god weet wat voor leipe ingreep men voor of na die tijd doet – de politiek is gruwelijk onvoorspelbaar als het om energiebeleid gaat; subsidiepotjes, regelingen en belastingen komen en gaan.

Als de overheid hier de stekker uittrekt, verdien je stukken minder aan de stroom die je teruglevert – dan krijg je er alleen nog de kale stroomprijs voor, die veel lager ligt dan de Volle Mep (inclusief transportkosten en energiebelasting). In de verhouding 6 cent versus 23 cent, in die orde. Dan krijg je dus nog maar een kwart  van de eerdere opbrengst. Voor mensen die vooral ’s avonds thuis zijn is dat een hele slechte zaak; de terugverdientijd loopt daarmee drastisch op – tenzij je nog zo’n oude draaischijf meter hebt, die overdag gewoon achteruit kan lopen.

Als je nu panelen koopt, ga je ze hoogstwaarschijnlijk niet terugverdienen voor 2020. 5 jaar is vrijwel zeker te kort, tenzij electriciteitsprijzen als vuurpijlen omhoog schieten. De vraag is dan dus wat de overgangsregeling dan wordt – koffiedik kijken.

Het knelpunt is dat de overheid energiebelasting kwijtraakt op elke kWh die je zelf opwekt en gebruikt, en energiebelasting toelegt als de stroom wordt teruggeleverd. Daar gaat men zeker een stokje voor steken, en zorgen dat eigenaars van panelen net zo hard energiebelasting gaan betalen.

En dan zijn er nog netbeheerders, die niet blij worden van terugleverende particulieren want daar kan het grid niet tegen etc. In België is men al jaren bezig om een “netvergoeding” erdoor te krijgen, zodat je gaat meebetalen aan het electriciteitsnet. In 2013 mislukte dat, maar voor 2015 zijn er weer nieuwe plannen.

Zelfs als de salderingsregeling blijft bestaan, kunnen de kosten voor het hebben van zonnepanelen cq. terugleveren alsnog omhoog gaan dus.

Een voorbeeld van conservatieve berekening van terugverdientijd

Ik heb zelf meerdere offertes nagerekend – voor zover dat al mogelijk was, want niet alle leveranciers zijn even duidelijk in hun aannames – en constateerde dat de terugverdientijd aanzienlijk langer was als ik de variabelen wat realistischer nam.

Zo rekende een leverancier met 23 cent per kWh, maar ik betaal minder. Ze rekenden met 4% stijging, 2% leek me verstandiger. Dan nog een aanpassing van de opbrengst op basis van de ligging en hoek = 5% minder opbrengst, en voila – dat werd 12 jaar om het terug te verdienen. En dat is dan nog met salderingsregeling en zonder netvergoeding natuurlijk.

En andere zaken om even bij stil te staan

Er wordt met groot gemak geschreven over het terugverdienen, maar zelfs met de meest optimische berekeningen hebben we het over een behoorlijk aantal jaren. Stel dat je na 10 jaar eindelijk je zonnepanelen hebt terugverdiend, maar… je verhuist. Poef, weg winst. Tenzij je de panelen kunt meenemen, en op dezelfde wijze weer kunt gebruiken, uiteraard.

Je krijgt voorgespiegeld dat je “direct gaat besparen”, en absoluut gezien klopt dat, maar het komt er feitelijk op neer dat je 10 jaar bezig bent om het gat in je spaarrekening weer op te vullen. En daarna ga je pas werkelijk geld besparen, daarvoor heb je niets verdiend. Niet iedereen zal kunnen garanderen dat hij/zij over 10 jaar nog op dezelfde plek kan/wil/zal wonen.

En dan zijn er nog Lullige Zaken zoals schoonmaakkosten voor zonnepanelen. Op mijn dak zouden ze maar onder een hoek van 10 graden liggen, dan kan er best wat op blijven liggen (bladeren), en als ze dan vies worden en ik had een goedkopere string omvormer genomen, dan gaat de opbrengst omlaag en ai, ik kan mijn dak niet zo maar op, daar moet ik iemand voor inhuren. Dure grap. Als ik dat elk jaar moet doen… Ja, beetje vergezocht, maar toch.

Conclusie: Zeer lange termijn investering, veel onzekerheid, mogelijk zeer hoge winst

Iedereen is ondertussen zo gewend aan alle opgewekte taal over zonnepanelen, dat het een no brainer lijkt. Gooi ze op je dak en bam je bespaart gelijk.

Ja, als het allemaal meezit met de prijzen en belastingen, 15 tot 25 jaar lang, dan haal je je geld eruit en dan is de return on investment fors; ik kwam op iets van 25% na 15 jaar en 125% na 25 jaar. Dat is waar en dat is een stuk meer dan je op aandelen krijgt.

Als we echter de zaak even heel nuchter bekijken, en het vergelijken met aandelen, is het toch een nogal matig soort investering.

  • In plaats van kapitaal over meerdere zaken te spreiden zet je een groter bedrag op 1 ding.
  • Je betaalt een forse commissie (installatiekosten) op datgene wat daadwerkelijk rendement oplevert
  • De terugverdientijd is zeer lang
  • Het is (zeer) onzeker of de terugverdientijd, zoals nu berekend, ook inderdaad gehaald kan worden.
  • Er is een kans dat je de investering niet eens terugverdient.
  • Er is geen enkele mogelijkheid om er vanaf te komen.

In een hoop opzichten zijn de opbrengsten van aandelen ook onzeker, minder zeker dan dat de zon zal schijnen :-), maar, ik kan ze (bijna) altijd nog wel verkopen als het echt tegenvalt.

Met zonnepanelen gok je dat a) de electriciteitsprijzen stug omhoog gaan b) de overheid stug doorgaat jou geen of minder energiebelasting te laten betalen c) de overheid en netbeheerders jou niet gaan laten betalen voor investeringen in het net d) je niet voortijdig gaat verhuizen. En dat voor de komende 10 jaar.

Het mag geen verrassing zijn dat er op mijn dak dus nog geen panelen liggen. Laat mij maar lekker mijn hypotheek versneld aflossen… 🙂